Reglement

REGLEMENT STICHTING OVERLIJDENSUITKERING FINANCIËN

Artikel  1  Algemene bepalingen

Dit reglement verstaat onder:

  1. Begunstiger

De ambtenaar van het Ministerie van Financiën die de vastgestelde maandelijkse bijdrage aan de stichting heeft betaald. Zowel de aanmelding als de beëindiging van de begunstiging kan niet met terugwerkende kracht plaatsvinden.

  1. Stichting

De Stichting Overlijdensuitkering Financiën.

  1. Partner

Degene met wie de begunstiger is gehuwd, een samenlevingsovereenkomst heeft getekend als bedoeld in het ARAR, artikel 4, lid 4, alsmede degene met wie de begunstiger als partner geregistreerd staat.

  1. Kind

Bij de begunstiger inwonend of in een tehuis wonend eigen kind, stiefkind of adoptiekind jonger dan 21 jaar.  Hieronder valt ook het levenloos geboren kind.

Artikel  2  Persoonsgegevens

Door zich aan te melden gaat de begunstiger er mee akkoord dat de stichting zijn of haar persoonsgegevens verstrekt aan of opvraagt bij de werkgever.

Artikel  3  Bijdrage

De bijdrage, als bedoeld in artikel 1, is vastgesteld op € 0,90 per maand. De bijdrage voor een meerpersoonshuishouden bedraagt € 1,80 per maand ongeacht het aantal personen.

Artikel  4  Wijze van inning

  1. De inning van de bijdrage vindt plaats door middel van inhouding op het salaris.
  2. Indien inhouding op het salaris tijdelijk niet mogelijk is, zoals in het geval van uitzending of tewerkstelling elders met behoud van dienstverband, dan dient de begunstiger dit kenbaar te maken aan de penningmeester.

Artikel  5  Beëindiging begunstiging

  1. De begunstiging eindigt als de inhouding van de bijdrage wordt beëindigd.
  2. Behoudens de in lid 3 genoemde situatie vindt uitbetaling van de uitkering niet plaats indien het overlijden na dit tijdstip heeft plaats gehad.
  3. Indien de begunstiging is geëindigd door het verlaten van de actieve dienst, vindt uitbetaling niet plaats indien het overlijden heeft plaats gehad na zes maanden na het verlaten van de actieve dienst.

Artikel  6  Uitbetaling van de uitkering

  1. Behoudens in bijzondere situaties vindt de uitbetaling van de uitkering na overlijden als volgt plaats:
  2. van een gehuwde begunstiger: aan de echtgenoot/echtgenote;
  3. van de deelnemende echtgenoot/echtgenote van een begunstiger: aan de begunstiger zelf;
  4. van een ongehuwde begunstiger zonder partner: aan de nabestaanden;
  5. van een ongehuwde begunstiger met partner: aan de partner mits deze de samenlevingsovereenkomst heeft ondertekend, als bedoeld in artikel 1;
  6. van een partner van een ongehuwde begunstiger: aan de begunstiger zelf mits deze de samenlevingsovereenkomst heeft ondertekend, als bedoeld in artikel 1;
  7. van een kind: aan de begunstiger zelf.
  8. De uitbetaling vindt plaats aan een ander indien de begunstiger of de nabestaanden het bestuur hierom tevoren heeft / hebben verzocht.
  9. De uitbetaling gaat vergezeld van een condoleancebrief, waarin het in artikel 8 genoemde bedrag wordt vermeld.
  10. Door de stichting worden geen verdere uitbetalingen gedaan dan zolang het saldo dat toelaat. Bij opheffing van de stichting wordt een positief saldo aan door het bestuur nader te bepalen goede doelen uitgekeerd.

Artikel  7  Aanvraag uitbetaling aan de nabestaande(n)

  1. Om de uitbetaling aan de nabestaande(n) niet onnodig te vertragen, kan deze in onderling telefonisch overleg, met een personeelsfunctionaris dan wel de manager of teamleider worden geregeld. De schriftelijke kennisgeving volgt dan later.
  2. De schriftelijke kennisgeving van overlijden dient, vergezeld van een (kopie van een) overlijdensbericht, rouwadvertentie of akte van overlijden, te worden verzonden aan het secretariaat van de stichting.
  3. In deze kennisgeving kan worden aangegeven hoe de uitbetaling aan de nabestaande(n) dient te geschieden onder vermelding van het IBAN.
  4. De secretaris beoordeelt of het verzoek om een uitkering rechtmatig is. Indien dit zo is, machtigt hij de penningmeester tot uitbetaling van het in artikel 8 vastgestelde bedrag.

Artikel  8  Het bedrag van de uitkering

  1. Het bedrag van de uitkering is vastgesteld op € 4.000.
  2. In afwijking van het bepaalde in lid 1 wordt de uitkering beperkt tot € 2.000 bij een overlijden voordat twaalf maal een maandelijkse inhouding van de bijdrage op het salaris heeft plaats gehad.

Artikel  9  Beheer van de middelen

De penningmeester plaatst de ontvangen bijdragen op één of meer bankrekeningen die ten name van de stichting staan. De gelden worden door het bestuur risicomijdend belegd. De penningmeester kan zich bij de bank doen machtigen door één of meer personen.

Artikel 10  Dagelijks bestuur

  1. Het dagelijks bestuur, bestaande uit de voorzitter, de secretaris en de penningmeester, bereidt de bestuursvergaderingen voor en behartigt de lopende zaken tussen de bijeenkomsten van het bestuur.
  2. De leden van het dagelijks bestuur hebben een plaatsvervanger.

Artikel 11  Uitoefening bestuursfuncties

  1. De secretaris beheert het begunstigersbestand, voert het algemeen administratief beheer van de stichting, adviseert het bestuur omtrent de beleids- en besluitvorming, maakt het verslag van de vergaderingen, houdt aantekening van de genomen besluiten en voert deze uit. Hij voert de briefwisseling en beheert het administratief archief. Het archief wordt overzichtelijk bewaard.
  2. Overeenkomstig de Wet bescherming persoonsgegevens worden persoonsgegevens uit de registratie verwijderd uiterlijk twee jaren nadat de begunstiging is beëindigd of de begunstiger te kennen heeft gegeven niet langer als zodanig te willen worden beschouwd.

Begunstigersregistraties met een archiefbestemming blijven zeven jaar bewaard.

  1. De penningmeester voert het financieel administratief beheer van de stichting. Hij verzorgt de uitbetaling aan de nabestaande(n). Hij beheert het financieel administratief archief.
  2. De penningmeester is bevoegd om betalingen te verrichten ten behoeve van de algemene kosten en aanschaffingen, tot het door het algemeen bestuur jaarlijks begrote bedrag. Het dagelijks bestuur kan in spoedeisende gevallen besluiten tot betalingen van een hoger bedrag aan algemene kosten en aanschaffingen. In de eerstvolgende bestuursvergadering dient dit besluit te worden medegedeeld en besproken.
  3. De financiële administratie wordt minimaal zeven jaar bewaard.
  4. Het dagelijks bestuur is bevoegd tot het nemen van beleggingsbesluiten. In de eerstvolgende bestuursvergadering dient dit besluit te worden medegedeeld en besproken.

Artikel 12  Jaarverslag / statuten / reglement

  1. De stichting publiceert jaarlijks het jaarverslag. De stichting communiceert hierover langs digitale weg.
  2. De begunstiger die de statuten wenst te ontvangen kan dit kenbaar maken aan het secretariaat. Na ontvangst van het verzoek wordt een afschrift van de statuten toegezonden aan de aanvrager.

Artikel 13  Contact met Ministerie van Financiën en Belastingdienst

  1. Het secretariaat van de stichting onderhoudt contact met de personeelsadministraties van directies van het Ministerie van Financiën en de kantoren van de Belastingdienst.
  2. Het secretariaat kan gevraagd en ongevraagd de directies van het Ministerie van Financiën en de kantoren van de Belastingdienst over aangelegenheden betreffende de stichting informeren.

Artikel 14  Aanvraag vergoeding van kosten bijwonen vergadering van de stichting

  1. De aanvraag kostenvergoeding wordt bij de penningmeester ingediend.
  2. De aanvrager maakt gebruik van het model declaratieformulier.
  3. Bij het declaratieformulier worden bescheiden van de uitgaven overgelegd.
  4. Indien reizen ten behoeve van de stichting met het openbaar vervoer worden gemaakt, bedraagt de vergoeding niet meer dan de werkelijke kosten van dat openbaar vervoer, tegen het tarief van de eerste klasse.
  5. Indien reizen ten behoeve van de stichting met eigen vervoermiddel worden gemaakt, bedraagt de vergoeding € 0,28 per kilometer.
  6. De ten behoeve van de bijeenkomsten van de stichting genoten maaltijden worden binnen redelijke grenzen vergoed; hierbij wordt aangesloten bij de binnen het Ministerie van Financiën gebruikelijke regelingen.

Artikel 15  Slotbepaling

In alle gevallen waarin de statuten of dit reglement niet voorzien, beslist het bestuur.

Aldus vastgesteld in de vergadering van het bestuur op 23 januari 2020.

Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2020.